Het leger moet in de toekomst ook cyberaanvallen kunnen uitvoeren. De digitale wereld is voor de krijgsmacht net zo belangrijk als de traditionele werkvelden land, lucht en water. Dat is vanmorgen bekend gemaakt op het Defensie Cyber Symposium in Breda.
"Defensie moet een volwaardige cybercapaciteit ontwikkelen. Hier geldt misschien nog meer dan elders dat stilstand achteruitgang is.” Dat zei minister Hans Hillen woensdag bij de opening van het Cyber Symposium van Defensie op de Nederlandse Defensie Academie in Breda. "Naast het land, de lucht, de zee en de ruimte, is cyber het inmiddels vijfde domein voor militair optreden. Dit digitale domein en de toepassing van digitale middelen als wapen of als inlichtingeninstrument zijn sterk in ontwikkeling, aldus Hillen. "Naar mijn overtuiging staan we aan het begin van opnieuw een belangrijke verandering in het militaire optreden."
Kolonel Hans Folmer van de Taskforce Cyber die het symposium organiseert, zei dat de digitale wereld heel belangrijk is. Defensie wil niet alleen verdedigen maar wil ook offensief kunnen optreden. Dat betekent dat Defensie zelf ook virussen, wormen of andere digitale middelen ontwikkelt om vijandige systemen te beïnvloeden of uit te schakelen." Folmer: "De aanval is onderdeel van het totale pakket van mogelijkheden die we hebben in een operatie. We moeten in cyberspace kunnen aanvallen." Defensie ziet het als het wapen van de toekomst. "Wij zijn allemaal afhankelijk van de digitale omgeving net als alle wapensystemen, sensorsystemen, inlichtingensystemen en communicatiesystemen."
Wapensystemen hangen volgens de kolonel niet aan internet, maar elk systeem is op enig moment wel aan internet verbonden en is daardoor kwetsbaar. "Er kan een virus of een worm in verspreid worden." Een goed voorbeeld van digitale oorlogvoering was Stuxnet, het virusprogramma dat probeerde om het Iraanse atoomprogramma stil te leggen. Dat kwam bij Amerikaanse en Israëlische overheden vandaan.
Defensie is regelmatig doelwit van cyberaanvallen en hackers. "We hebben regelmatig te maken met aanvallen, maar kunnen die tot nu toe goed afweren. Die aanvallen komen overal vandaag, dus uit de gehele wereld." Welke landen aanvallen uitvoeren op de Nederlandse overheid, dat kan Folmer niet zeggen. "Het zijn instanties, we kunnen dit niet relateren aan bepaalde landen. Het kunnen organisaties of individuele hackers zijn die proberen om in onze systemen te komen."
Het is niet de bedoeling dat er een aparte cybermacht komt. Er komt wel een cybercommando dat wordt ondergebracht bij de Landmacht, maar binnen het Defensie Cybercommando zijn alle krijgsmachtdelen vertegenwoordigd.